Vergeet-mij-nietjes, om de zoon die wegging en de zoon, die bleef niet te vergeten.

De schikking is weer een beetje veranderd. Het kruis komt weer iets hoger op de aardbol te liggen. Rond
de aardbol staan vergeet-mij nietjes: om de zoon die wegging niet te vergeten en ook de zoon die thuisbleef niet.
Aan de horizontale tak van het kruis is een slinger van judaspenning en wol gehangen, als teken van vreugde over dat wat gevonden is bij de schapen en bij het geld.

Aarde bevolkt door schapen
bloemen die niemand vergeten
iedereen is genodigd voor het feest.

De gelijkenis van de verloren zoon staat in een rijtje van drie: over honderd schapen, tien penningen en twee
zonen. Het wordt steeds spannender. Bij de schapen en de penningen wordt actief gezocht naar wat verloren
is, bij de zoon niet. De zoon gaat, en de vader laat hem gaan. Er is wel voorgesteld om deze gelijkenis ‘de
gelijkenis van de wachtende vader’ te noemen. De vader wacht, actief, op de uitkijk, want hij ziet de zoon al van verre komen. Deze wordt met vreugde binnengehaald.
De oudste zoon, die niet blij is, blijft buitenstaan. Wie is hier nu precies verloren?
Jezus vertelt deze gelijkenissen aan de farizeeën en de schriftgeleerden die buiten mopperen als Jezus eet met
tollenaars en zondaars. Zij zijn als de oudste zoon die buitenstaat, maar net zo goed als de jongste die van
harte welkom is bij de vader.
We weten de afloop niet. De uitnodiging is er wel: kom, vier feest, wees blij: je broer is ‘als nieuw’!

Loading